Veiligheid: keuzes maken voor mens en weg
Veiligheid staat altijd voorop, zowel voor weggebruikers als voor medewerkers. Een volledige strooironde duurt gemiddeld 2 tot 3 uur. Bij zware weersomstandigheden, zoals ijzel of sneeuw, is het niet verantwoord om langer onderweg te zijn. Daarom worden routes zorgvuldig gepland en bewaakt met behulp van het GladheidsMeldSysteem (GMS).
Niet alle wegen kunnen worden gestrooid. In woonstraten is vaak te weinig verkeer om het zout effectief te laten werken. Daarnaast maken smalle straten en geparkeerde auto’s strooien of sneeuwruimen soms onmogelijk. De hoofdroutes zijn zo ingericht dat iedereen binnen redelijke afstand een gestrooide weg kan bereiken. Extra aandacht gaat uit naar scholen, zorgvoorzieningen en belangrijke verbindingswegen.
De gemeente werkt samen met Wedeka, die dagelijks kleinere bruggen strooit. Aannemers voeren handmatig werk uit op plekken waar machines niet kunnen komen. Ook medewerkers die normaal groenonderhoud doen, helpen bij sneeuwval op locaties zoals bushaltes, scholen en zorgcentra.
Inzet van onze medewerkers
Tijdens het winterseizoen staat een volledig team continu paraat. Er wordt gewerkt volgens een dienstenrooster, zowel in de buitendienst als intern door de gladheidcoördinatoren. Zij volgen via Meteogroup en het eigen GladheidsMeldSysteem elk uur de weersverwachting en de actuele toestand van het wegdek. Op basis van deze informatie wordt bepaald of inzet nodig is.
Wanneer wordt uitgerukt, gaan de strooiteams op pad volgens zes vaste strooiroutes van gemiddeld 70 kilometer. Het uitgangspunt blijft dat iedereen binnen redelijke afstand een gestrooide weg kan bereiken. Inmiddels is de strooiploeg dit seizoen al ruim 40 keer uitgerukt.
Zout: samenwerken in tijden van schaarste
Zout is onmisbaar bij gladheidsbestrijding. Dit seizoen is tot nu toe ongeveer 450.000 kilogram strooizout gebruikt, dat staat gelijk aan zo’n 15 vrachtwagens volgeladen. In januari was er landelijk sprake van een tekort. Ook onze gemeente merkte dit, maar dankzij goede samenwerking met buurgemeente Aa en Hunze kon zout worden geleend en bleef de gladheidsbestrijding doorgaan.
Er wordt gestrooid met zogenoemd ‘nat zout’, een mengsel van droog zout en pekel. Deze methode zorgt ervoor dat de dooiwerking vrijwel direct begint, het zout langer werkzaam blijft bij lage temperaturen en minder snel verwaait. Hierdoor is minder zout nodig en kan efficiënter worden gewerkt.
